Programma RNI

Home » Onderwerpen » Inschrijving » Identiteitsvaststelling

Identiteitsvaststelling

In de primaire processen van de RNI speelt de identiteit van de niet-ingezetene een belangrijke rol. Het correct vaststellen, controleren en hanteren van de identiteit is van cruciaal belang voor een goede werking van de basisregistratie personen. Onderstaand lichten we toe wat de belangrijkste termen rondom identiteit zijn.

Identiteitsvaststelling

Identiteitsvaststelling is het bepalen van de identificerende gegevens van een persoon volgens de regels van de betreffende registratie. Identiteitsvaststelling gebeurt op basis van brondocumenten. De gegevens op de brondocumenten worden overgenomen in de RNI. Op identiteitsdocumenten wordt als identificerende gegevens meestal gekozen voor naam- en geboortegegevens omdat die gegevens bijna nooit wijzigen. Soms is transformatie van deze gegevens nodig, bijvoorbeeld bij namen in niet-Romeins schrift of een geboortedatum in een niet-Westerse kalender.
Om de identiteit op een zinvolle manier te kunnen gebruiken, is het noodzakelijk dat elke toegepaste identiteit uniek is. Als alleen de achternaam en geboortegegevens worden gebruikt, is dat niet altijd het geval (bijvoorbeeld bij tweelingen). De toevoeging van extra gegevens maakt het mogelijk om de identiteit uniek te maken. De toevoeging van het BSN vereenvoudigt de uitwisseling van de persoonsgegevens.

Identificeren

Identificeren is het kenbaar maken van de eigen identiteit door de persoon zelf. In de RNI-praktijk betekent dit meestal het tonen van een reisdocument of rijbewijs.

Identificatie

Identificatie is het controleren van de juistheid van de opgegeven identiteit. Dit proces bestaat uit meerdere stappen:

  • Controleren van de relatie tussen de persoon en de opgegeven identiteit. Meestal gebeurt dit door het vergelijken van de gegevens op het document met die van de persoon zelf (persoonsgegevens, foto, handtekening, lengte, geslacht);
  • Vaststellen van de echtheid (authenticiteit) van het document dat door de persoon getoond wordt. Dit kan door het controleren van speciale echtheidskenmerken of door het raadplegen van een bestand van 'verdachte' documenten. In elektronische processen wordt in plaats van een document vaak een certificaat gebruikt. Dit certificaat kan ook op echtheid en geldigheid gecontroleerd worden. In elektronische processen wordt dit authenticatie (authentication) genoemd;
  • Controleren van de identificerende gegevens. In de meeste gevallen is de opgegeven identiteit al vastgelegd in een bestand. De identificerende gegevens worden opgezocht in dit bestand. Bij het gebruik van een unieke code per geregistreerde moet deze controle precies één treffer opleveren. Bij een buitenlands identiteitsdocument moet ook nog gecontroleerd worden of de gegevens overeenkomen met gegevens die al eerder in Nederland zijn vastgelegd. Deze controle wordt ook wel verificatie genoemd.

Autorisatie

Autorisatie is het vaststellen of de persoon toegang heeft tot de gevraagde dienst. Een autorisatiesysteem legt de koppeling tussen alle gekende identiteiten en de beschikbare diensten.

Legitimatie

Legitimeren is een verouderde term voor identificeren. Legitimeren bevat twee componenten: kenbaar maken van de identiteit (identificeren) en aantonen van rechtsgeldigheid. Het rijbewijs is een voorbeeld van deze dubbelfunctie: het kan gebruikt worden als identificatiedocument en ook als bewijs van het rechtsgeldig besturen van een voertuig. Een treinkaartje is een voorbeeld van een legitimatiebewijs zonder identificatiefunctie.
Vanwege deze dubbele betekenis wordt de term legitimatie niet gebruikt op deze website.