Vragen en antwoorden
Wie is verantwoordelijk voor de RNI?
Hoe worden de gegevens bijgehouden?
Wat is het verschil tussen een BSN en een sofinummer?
Hoe wordt een niet-ingezetene ingeschreven?
Wat is de relatie tussen RNI en (m)GBA?
Waar komt een burgerservicenummer vandaan?
VRAAG: Wat gaat er veranderen?
De gegevens van niet-ingezetenen worden niet bijgehouden in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). Op dit moment houden verschillende overheidsorganen elk hun eigen registratie van deze 'niet-ingezetenen' bij. In de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI) worden deze gegevens gebundeld tot één geheel. Deze gebundelde registratie bevat de basisgegevens over niet-ingezetenen die worden ontleend aan de registraties van een aantal aangewezen overheidsorganen en de inschrijvingen aan het RNI-loket. Voor iedere ingeschrevene wordt een persoonslijst aangelegd met daarop een burgerservicenummer (BSN), de identificerende gegevens en het buitenlands adres. De registratie van niet-ingezetenen vormt straks samen met de GBA de Basisregistratie Personen (BrP).
Op dit moment melden niet-ingezetenen zich bij een loket van de Belastingdienst voor het verkrijgen van een sofinummer. Met de komst van de RNI komt deze taak van de Belastingdienst te vervallen.
Lees meer over de achtergrond van de RNI.
VRAAG: Wie is verantwoordelijk voor de RNI?
Het nieuwe voorstel voor een Wet basisregistratie personen kent een onderscheid in verantwoordelijkheid voor de bijhouding, voor de verstrekking en voor de inrichting, werking en beveiliging.
Verantwoordelijk voor de bijhouding van de gegevens over niet-ingezetenen is de staatssecretaris van BZK (voor ingezetenen, de gemeenten). De verantwoordelijkheid voor de verstrekking is verdeeld over de staatssecretaris (systematische verstrekkingen) en de gemeenten (incidentele verstrekkingen). Dat is dezelfde verdeling als bij de verstrekking van gegevens over ingezetenen. De verantwoordelijkheid voor de technische en administratieve inrichting, werking en beveiliging is verdeeld over de staatssecretaris van BZK (de centrale componenten) en de gemeenten (de decentrale componenten).
De ten behoeve van de registratie van niet-ingezetenen in te richten nieuwe componenten zijn centrale componenten, die vallen dus onder de staatssecretaris van BZK.
Daarnaast kan nog gesproken worden over de algemene (politieke) verantwoordelijkheid voor de basisregistratie personen. Die ligt bij de staatssecretaris van BZK.
VRAAG: Wie zijn er niet-ingezetenen?
Ingezetenen wonen in Nederland. Strikt genomen zijn ingezetenen: personen die in Nederland zijn geboren en waarvan ten minste één van de ouders is ingeschreven en personen die naar redelijke verwachting gedurende een half jaar ten minste twee derden van de tijd in Nederland (rechtmatig) verblijf zullen houden. In de praktijk wordt meestal de stelregel gehanteerd dat iemand ingezetene is als hij vier maanden in Nederland woont. Elke ingezetene hoort in de GBA als zodanig te zijn ingeschreven.
Niet-ingezetenen zijn alle andere wereldburgers. Niet-ingezetenen wonen niet in Nederland. Als de betrokkene al in Nederland verblijft, is dat slechts tijdelijk. In principe kan ook iedere niet-ingezetene zich inschrijven in de RNI, mits deugdelijk geïdentificeerd. De RNI is bedoeld voor niet-ingezetenen die een relatie hebben met de nederlandse overheid. Zowel de overheid als deze niet-ingezetenen hebben belang bij deze inschrijving.
Denk bij in te schrijven niet-ingezetenen aan:
- een Poolse schilder die elk jaar weer voor twee maanden in Nederland werkt;
- een Belg of een Nederlander die in Nederland werkt maar in België woont;
- een Nederlander die aan de Spaanse kust van zijn AOW geniet;
- een Duitser die af en toe in zijn vakantiehuis op Texel verblijft.
VRAAG: Hoe worden de gegevens bijgehouden?
Voor ingezetenen kent het wettelijke systeem van de registratie een eigen stelsel dat zorgt voor het up-to-date houden van de gegevens. De gebruikers kunnen uitgaan van een goede registratie en kunnen de ontvangen gegevens inzetten voor hun taak.
Voor niet-ingezetenen is er geen vergelijkbaar systeem. Het up-to-date houden is afhankelijk van de contacten die de aangewezen bestuursorganen – eventueel via zusterorganen – met de betrokkenen onderhouden in verband met hun eigen taakuitoefening. De (actuele) juistheid van de gegevens is minder verzekerd. De
gebruikers (afnemers) moeten rekening houden met deze beperking.
VRAAG: Wat is het verschil tussen een BSN en een sofinummer?
Het SoFinummer is op 26 november 2007 het burgerservicenummer (BSN) geworden. Het BSN is een uniek identificerend persoonsnummer dat iedereeen heeft, die ingeschreven staat in de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens (GBA), of straks de Registratie niet-ingezetenen (RNI). Getalsmatig is het burgerservicenummer gelijk aan het sociaal-fiscaalnummer (sofinummer). Desalniettemin zijn er enkele verschillen tussen het sofinummer en het BSN.
Verschillen SoFi en BSN
Het verschil tussen het BSN en het sofinummer is de manier waarop en waarvoor het BSN gebruikt wordt. Het BSN is een algemeen persoonsnummer dat in de gehele publieke sector gebruikt wordt, zoals bijvoorbeeld het onderwijs of de zorg. Het sofinummer wordt alleen op sociaal/fiscaal gebied gebruikt. Het BSN maakt het mogelijk dat mensen met slechts één nummer met de overheid kunnen communiceren.
De gemeente kent het BSN toe (op basis van de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens). Het sofinummer wordt toegewezen door de Belastingdienst.
Elke overheidsorganisatie mag het BSN gebruiken. Een overheidsonderdeel mocht het sofinummer alleen gebruiken als dat in een wettelijke regeling stond. (Deze koppeling van gegevens moet onder meer leiden tot verlichting van administratieve lasten en betere bestrijding van identiteitsfraude.)
Er is een verplichting voor BSN-gebruikers "om zich ervan te vergewissen dat ze de juiste combinatie van BSN en persoonsgegevens hanteren". Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld overheidsorganen moeten controleren of de gegevens kloppen.
VRAAG: Hoe wordt een niet-ingezetene ingeschreven?
Inschrijving als niet-ingezetene vindt slechts plaats 1) bij een loket op verzoek van betrokkene zelf of 2) op verzoek van een daartoe aangewezen bestuursorgaan. Bij de inschrijving worden identificerende gegevens opgenomen. Het verder opnemen van gegevens vindt slechts plaats op basis van een opgave van een aangewezen bestuursorgaan, of op verzoek van de betrokkene die zich daartoe naar een inschrijfvoorziening (loket) wendt.
Het up-to-date houden van de registratie is grotendeels afhankelijk van de contacten die de aangewezen bestuursorganen hebben met de betrokkenen – en de waarneming van gegevens door die bestuursorganen. De onderliggende feiten (adreswijziging, overlijden) spelen zich vaak af in het buitenland. De waarneming van die feiten loopt in sommige gevallen via een buitenlandse zusterorganisatie.
VRAAG: Wat is de relatie tussen RNI en (m)GBA?
De GBA is de Gemeentelijke Basisadministratie voor persoonsgegevens. De GBA en de RNI gaan samen de Basisregistratie Personen vormen. Verschillen tussen de RNI en de GBA betreffen met name de ingeschreven personen en de geregistreerde gegevens. Terwijl een programma werkt aan de totstandkoming van de RNI is er een programma dat werkt aan de modernisering GBA [link naar www.moderniseringgba.nl], en omdat RNI en GBA samen de BrP gaan vormen is er zeker een relatie. Die relatie betreft met name
- Gegevensverstrekking via GBA-V Full Service;
- Het nieuwe burgerzakensysteem (BZS).
Lees meer over de relatie van de RNI met de modernisering van de GBA
VRAAG: Hoe werkt de GBA?
De GBA is de Gemeentelijke Basisadministratie voor persoonsgegevens. De persoonsgegevens van elk lid van de Nederlandse bevolking staan in de GBA, die sinds 1 oktober 1994 bestaat. Binnen het GBA-stelsel worden alle gegevens volledig geautomatiseerd opgeslagen en uitgewisseld. Voordat de GBA bestond, werden ieders persoonsgegevens bijgehouden op persoonskaarten.
Van elk lid van de Nederlandse bevolking wordt in de GBA een elektronische persoonslijst aangelegd. Op die lijst staan alle algemene gegevens over een individueel persoon. Bij het gemeentelijk loket moet aangifte worden gedaan van bijvoorbeeld geboorte of overlijden. Dit wordt vervolgens in de GBA opgenomen. Hetzelfde geldt voor onder andere adreswijzigingen, huwelijk of echtscheiding. De GBA registreert dus ieders administratieve levensloop.
Lees meer over de werking van de GBA
VRAAG: Waar komt een burgerservicenummer vandaan?
Een BSN wordt toegekend door de Beheervoorziening BSN (BvBSN), die zorgt voor het genereren, distribueren, beheren en raadplegen van het BSN. De Beheervoorziening regelt ook de toegang tot de identificerende gegevens in de achterliggende authentieke registraties (GBA en RNI) en de verificatieregisters voor de identiteitsbewijzen ter verificatie van de identiteit aan het loket.
De Beheervoorziening BSN voorkomt dat één persoon meerdere nummers kan krijgen.

